Deze les richt zich op borden en wegmarkeringen die direct de voorrang op kruispunten regelen. Je leert het onderscheid maken tussen het B5 voorrangsbord, het B6 stopbord en de 'haaientanden' wegmarkeringen, en begrijpt hoe elk dicteert wanneer je voorrang moet verlenen of moet stoppen. Het beheersen van deze voorrangssignalen is essentieel voor het veilig navigeren van gereguleerde kruispunten en het correct beantwoorden van gerelateerde vragen op je Nederlandse theorie-examen.

Veilig en efficiënt navigeren op de Nederlandse wegen vereist een grondige kennis van voorrangsregels, met name op kruispunten. Deze les richt zich op de cruciale rol van specifieke verkeersborden en wegmarkeringen die expliciet voorrang verlenen of vereisen: het B5-bord (wegmis, verleen voorrang), het B6-bord (stop) en de kenmerkende "haaientanden"-wegmarkeringen. Het beheersen van deze regels is essentieel voor het voorkomen van aanrijdingen, het waarborgen van een vlotte verkeersdoorstroming en het naleven van de Nederlandse verkeerswetgeving.
In de kern is rijtheorie bedoeld om conflicten tussen voertuigen te voorkomen. Kruispunten zijn veelvoorkomende conflictpunten, waar wegen samenkomen en bestuurders moeten beslissen wie er eerst mag doorrijden. Verkeersborden en wegmarkeringen geven duidelijke instructies en stellen een hiërarchie van voorrang vast. Deze structuur voorkomt onzekerheid en vermindert het risico op ongevallen door te bepalen wanneer je voorrang moet verlenen aan ander verkeer of wanneer je voorrang hebt. Het negeren van deze tekens brengt niet alleen jezelf en anderen in gevaar, maar brengt ook aanzienlijke juridische boetes met zich mee.
Het begrijpen van de volgorde waarin verschillende voorrangsregels van kracht zijn, is cruciaal voor veilig rijden. De algemene hiërarchie is als volgt, van hoogste naar laagste autoriteit:
Deze les zal de cruciale borden en markeringen uit categorie 3 en 4 gedetailleerd beschrijven, en hoe deze interageren met categorie 5.
Het B5-bord is een van de meest voorkomende borden die je tegenkomt op kruispunten waar de voorrang niet absoluut is. Het verplicht je om voorrang te verlenen aan verkeer op het kruisende wegdeel of uit de aangegeven richting.
Wanneer je een B5-bord tegenkomt, betekent dit dat je voorbereid moet zijn om te stoppen en ander verkeer te laten passeren als hun route zou conflicteren met de jouwe. Je mag pas doorrijden als het kruisende verkeer is verdwenen, of als het veilig kan zonder de voortgang van andere voertuigen te hinderen. Dit bord is bedoeld om de verkeersdoorstroming te handhaven door bestuurders in staat te stellen door te rijden zonder te stoppen als er geen conflicterend verkeer is, terwijl de veiligheid wordt gewaarborgd door te stoppen wanneer nodig.
Bij het zien van een B5-bord moet je:
Het B5-bord geeft doorgaans aan dat je voorrang moet verlenen aan verkeer op het kruisende wegdeel, maar in specifieke situaties kan het betekenen dat je voorrang moet verlenen aan verkeer uit een bepaalde richting, bijvoorbeeld bij afslaand verkeer. Ga er altijd van uit dat je algemeen voorrang moet verlenen, tenzij een specifieke context (zoals verkeerslichten of een pijl) anders aangeeft.
Een veelgemaakte fout is het behandelen van het B5-bord als een suggestie in plaats van een verplichte regel. Sommige bestuurders remmen wel af, maar stoppen niet wanneer nodig, of proberen naderende voertuigen "ertussen te proppen", wat tot gevaarlijke situaties leidt. Onthoud dat de verplichting om voorrang te verlenen betekent dat je de voortgang van voorrang hebbend verkeer op geen enkele manier mag hinderen.
Het B6-stopbord legt de strengste voorrangsregel op, waarbij een volledige en verplichte stop vereist is voordat je een kruispunt oprijdt.
Wanneer je wordt geconfronteerd met een B6-stopbord, ben je wettelijk verplicht je voertuig volledig en compleet tot stilstand te brengen. Dit is niet louter een instructie om langzamer te rijden en te controleren; je wielen moeten volledig stoppen met draaien. Het doel van een stopbord is om ervoor te zorgen dat bestuurders voldoende tijd hebben om al het kruisende verkeer, inclusief voetgangers en fietsers, vanuit alle richtingen te observeren voordat ze doorrijden. Deze borden worden vaak geplaatst op kruispunten met beperkt zicht, veel verkeer of waar een significant veiligheidsrisico bestaat.
Volg deze stappen bij het naderen van een B6-stopbord:
De meest voorkomende overtreding van een B6-stopbord is de "rollende stop", waarbij een bestuurder slechts langzamer rijdt zonder volledig tot stilstand te komen. Dit is illegaal en extreem gevaarlijk, omdat het de veiligheidsintentie van het bord ondermijnt door onvoldoende tijd voor observatie toe te staan. Het behandelen van een stopbord als een voorrangsbord is ook een ernstige fout die tot aanrijdingen kan leiden.
Naast speciale borden gebruikt de Nederlandse infrastructuur vaak specifieke markeringen om voorrangsregels te communiceren, met name de "haaientanden" wegmarkeringen. Deze driehoekige witte markeringen op het wegdek dienen dezelfde juridische functie als een B5-bord.
"Haaientanden" zijn een reeks witte, driehoekige markeringen op de weg, wijzend naar het naderende verkeer dat voorrang moet verlenen. Ze worden doorgaans aangetroffen op kruispunten, rotondes en soms bij zebrapaden of fietsoversteekplaatsen waar een voorrangsverplichting geldt. Hun doel is om een voorrangsverplichting te versterken, vooral in situaties waar een bord gemist kan worden door slecht zicht, of op smallere wegen waar fysieke borden minder praktisch zijn.
Wanneer je "haaientanden" tegenkomt, ben je wettelijk verplicht om voorrang te verlenen aan verkeer uit de richting die door de punten van de driehoeken wordt aangegeven. Dit betekent dat je:
Net als bij het B5-bord is een volledige stop niet altijd nodig als het kruispunt vrij is, maar je moet op elk moment klaar zijn om te stoppen.
"Haaientanden" komen met name veel voor:
Een veelvoorkomende misvatting is om "haaientanden" als louter decoratief of minder gezaghebbend dan een fysiek bord te beschouwen. Dit is onjuist. Deze markeringen hebben dezelfde juridische kracht en implicaties als een B5-bord. Het negeren ervan kan tot dezelfde gevolgen leiden als het niet gehoorzamen van een voorrangsbord.
Het B1-bord voor voorrangswegen speelt een cruciale rol bij het vaststellen van voorrang en interageert vaak met voorrangs- en stopborden.
Wanneer je op een weg rijdt die is gemarkeerd met een B1-bord, heb je voorrang op verkeer dat afkomstig is van zijwegen of kruispunten die niet geregeld zijn met verkeerslichten. Voertuigen die een voorrangsweg (B1) oprijden, zullen vrijwel altijd een B5-bord, B6-stopbord of "haaientanden"-markeringen tegenkomen. Deze borden en markeringen zijn specifiek geplaatst om ervoor te zorgen dat verkeer op de niet-voorrangsweg voorrang verleent aan verkeer op de B1-weg.
Omgekeerd, als je een B1-voorrangsweg nadert vanaf een zijstraat, moet je alle B5-, B6- of "haaientanden"-markeringen gehoorzamen die daar aanwezig zijn, en voorrang verlenen aan het verkeer op de voorrangsweg. Het B1-bord bepaalt effectief wie voorrang heeft, en de B5/B6/"haaientanden" bepalen wie moet voorrang verlenen aan die voorrang.
Belangrijke Hiërarchie: Verkeerslichten hebben altijd voorrang op borden. Echter, als er geen verkeerslichten zijn, vestigt het B1-bord de dominante voorrang. Voertuigen op zijwegen moeten voorrang verlenen of stoppen voor verkeer op de B1-weg, ongeacht of een B5- of B6-bord expliciet aanwezig is (hoewel ze dat meestal zijn).
Veel rotondes in Nederland zijn zo ontworpen dat verkeer dat zich al op de rotonde bevindt voorrang heeft. Dit wordt vaak aangegeven door "haaientanden" bij de ingangen van de rotonde, waardoor inkomend verkeer voorrang moet verlenen. Hoewel er niet bij elke rotonde een fysiek B1-bord staat, wordt het principe van voorrang voor cirkelend verkeer over het algemeen gehandhaafd.
Wanneer geen verkeerslichten, verkeersborden (zoals B1, B5, B6) of wegmarkeringen (zoals "haaientanden") de voorrang op een kruispunt regelen, geldt de "voorrang aan rechts"-regel.
Deze regel stelt dat elk voertuig dat van rechts nadert op een niet-gereguleerd kruispunt voorrang heeft. Je moet hen voorrang verlenen. Dit is de standaardregel bij afwezigheid van andere instructies.
Het is cruciaal om te begrijpen dat B5-voorrangsborden, B6-stopborden, B1-voorrangswegborden en "haaientanden" de "voorrang aan rechts"-regel overrulen. Als je op een kruispunt bent met een B5- of B6-bord, moet je dat bord gehoorzamen, zelfs als er een voertuig van links nadert (wat betekent dat zij normaal gesproken aan jou voorrang zouden moeten verlenen volgens "voorrang aan rechts"). De borden hebben voorrang.
Ga Nooit Van Voorrang Uit: Beoordeel altijd eerst het kruispunt op borden, markeringen en verkeerslichten. Alleen als er geen zijn, en het echt een ongereguleerd kruispunt is, wordt "voorrang aan rechts" de heersende regel.
Effectieve besluitvorming op kruispunten omvat meer dan alleen het herkennen van borden; het vereist constante observatie en aanpassing.
Bij het naderen van elk kruispunt, vooral een met voorrangs- of stopborden:
Bij het afslaan op een kruispunt met een B5- of B6-bord blijft je verplichting om voorrang te verlenen of te stoppen van kracht.
De principes van voorrang verlenen en stoppen blijven constant, maar hun toepassing vereist aanpassingen op basis van de omringende omstandigheden.
Hulpverleningsvoertuigen (politie, ambulance, brandweer) met geactiveerde sirenes en knipperende lichten hebben altijd absolute voorrang, en overrulen alle verkeersborden, lichten en regels. Als een hulpverleningsvoertuig nadert, moet je onmiddellijk uitwijken door veilig opzij te gaan, te stoppen of het kruispunt vrij te maken om hen ongehinderd doorgang te verlenen. Dit geldt zelfs als je bij een B6-stopbord staat en een hulpverleningsvoertuig nadert uit een richting waar je normaal gesproken zou moeten wachten.
Verkeerslichten hebben altijd voorrang op B5-voorrangsborden, B6-stopborden en B1-voorrangswegborden. Als een kruispunt functionerende verkeerslichten heeft, volg dan hun instructies. Alleen als de verkeerslichten defect zijn, knipperend oranje zijn of niet aanwezig zijn, worden de borden en wegmarkeringen de primaire bron van prioriteitsinformatie.
Bij het trekken van een aanhanger neemt de totale lengte en de remafstand van je voertuig aanzienlijk toe. Je hebt meer ruimte en tijd nodig om volledig tot stilstand te komen bij een B6-bord of om veilig voorrang te verlenen bij een B5-bord. Houd ook rekening met het zwiepen van de aanhanger bij het maken van bochten, en zorg ervoor dat je geen ander verkeer hindert tijdens het voorrang verlenen.
Het niet gehoorzamen van voorrangs (B5, "haaientanden") of stop (B6) borden is een ernstige verkeersovertreding in Nederland, met aanzienlijke juridische gevolgen.
Om effectief en veilig te navigeren op de wegen, met name op kruispunten, onthoud deze kernprincipes met betrekking tot voorrang, stop en rechtsverkeer borden in de Nederlandse verkeerscontext:
Het beheersen van deze regels is niet alleen essentieel om een theorie-examen te halen; het is cruciaal om een verantwoordelijke, veilige en zelfverzekerde bestuurder te worden op de Nederlandse wegen.
Overzicht van de lesinhoud
Bekijk alle onderdelen en lessen in deze rijtheoriecursus.
Ontdek zoekonderwerpen waar leerlingen vaak naar zoeken wanneer ze Voorrang, Stop en Verkeersborden die Voorrang Geven bestuderen. Deze onderwerpen weerspiegelen veelvoorkomende vragen over verkeersregels, verkeerssituaties, veiligheidsrichtlijnen en theoriebereiding op lesniveau voor leerlingen in Nederland.
Bekijk aanvullende rijtheorielessen over verwante verkeersregels, verkeersborden en veelvoorkomende verkeerssituaties. Krijg beter inzicht in hoe verschillende regels samenkomen in alledaagse verkeerssituaties.
Leer de precieze betekenis en toepassing van Nederlandse voorrangsborden (B1, B5, B6) en 'papegaaienbekken'. Begrijp hoe deze de voorrang op kruispunten regelen en algemene regels overrulen.

Deze les legt de voorrangsregels op kruispunten uit. Je leert een 'gelijkwaardig' kruispunt te herkennen waar de standaardregel geldt dat je voorrang moet verlenen aan verkeer van rechts. Ook wordt uitgelegd hoe voorrang wordt geregeld door verkeersborden (zoals het B6-stopbord en het B7-voorrangsbord) en wegmarkeringen ('haaientanden'). Het begrijpen van deze hiërarchieën is cruciaal voor het maken van veilige en correcte beslissingen bij het oversteken of afslaan op elk kruispunt.

Deze les introduceert de fundamentele beginselen van voorrang verlenen in Nederland, beginnend met de verkeershiërarchie en de standaardregel om voorrang te verlenen aan verkeer van rechts op gelijkwaardige kruispunten. Je leert een voorrangsweg te herkennen, gemarkeerd met bord 30, en begrijpt hoe deze aanduiding de standaardregel opheft. De inhoud legt het wettelijk kader vast voor het nemen van voorrangsbeslissingen bij afwezigheid van specifieke borden of verkeerslichten.

Deze les legt de fundamentele 'voorrang van rechts'-regel uit, die geldt op kruispunten van gelijkwaardige wegen waar geen andere borden of wegmarkeringen voorrang aangeven. Je leert dergelijke kruispunten te herkennen en begrijpt je plicht om voorrang te verlenen aan verkeer dat van rechts nadert. De les verduidelijkt ook belangrijke uitzonderingen, zoals bij het verlaten van een oprit, het oprijden van een verharde weg vanaf een onverharde weg, of bij het tegenkomen van een tram. Het beheersen van deze regel is cruciaal voor het navigeren in woonwijken en stadsstraten waar bebording vaak minimaal is.

Deze les stelt de fundamentele regel van voorrang in de Nederlandse verkeerswetgeving vast: voorrang verlenen aan verkeer van rechts op kruispunten van gelijke wegen, tenzij anders aangegeven. Het legt uit hoe een niet-gemarkeerd of 'gelijkwaardig' kruispunt te herkennen en de juiste procedure voor het naderen, beoordelen en veilig doorkruisen. De inhoud introduceert ook de belangrijkste borden en markeringen, zoals 'haaientanden', die deze standaardregel overrulen en de basis vormen voor alle andere voorrangssituaties.

Deze les richt zich op de reeks borden die worden gebruikt om het verkeer bij kruispunten en op wegen met meerdere rijstroken te regelen. U leert bovenliggende portaalborden, rijstrookaanduidingborden en markeringen te interpreteren die weggebruikers naar de juiste rijstrook voor hun beoogde richting leiden. Het curriculum omvat borden die voorrang aangeven bij naderende kruispunten, zoals de borden B3 en B4, die regels over het hoofd zien verduidelijken in complexe situaties. Correcte interpretatie van deze borden is essentieel voor soepele rijstrookwisselingen, efficiënte navigatie en het voorkomen van conflicten bij kruispunten.

Deze les beschrijft de specifieke handelingen die vereist zijn op kruispunten die worden geregeld door 'Stop'- en 'Geef-bord'-tekens. U leert de wettelijke verplichting om volledig tot stilstand te komen bij een stopstreep (BORD 44) en de verplichting om al het kruisende verkeer voorrang te verlenen bij het passeren van 'haaientanden'. De inhoud behandelt veilige naderingssnelheden en effectieve scant technieken voor motorrijders om hiaten in het verkeer correct in te schatten voordat ze doorrijden.

Deze les duikt in de hiërarchie van voorrangsregels op de Nederlandse wegen en verduidelijkt wie voorrang heeft in verschillende kruispuntsituaties. Het legt de betekenis uit van borden zoals 'voorrangsweg' en wegmarkeringen zoals haaientanden. Speciale aandacht wordt besteed aan de juiste procedure voor het oprijden, nemen en verlaten van rotondes op de motor, inclusief correct richting aangeven en rijstrookkeuze om een veilige en efficiënte passage te garanderen.

Deze les behandelt de uitdaging van het navigeren op kruispunten met gelijke prioriteit, waar geen borden of markeringen de voorrang regelen. Je leert de fundamentele Nederlandse verkeersregel om voorrang te verlenen aan al het verkeer dat van rechts komt ('voorrang rechts'). De inhoud richt zich op het ontwikkelen van geavanceerde observatievaardigheden en duidelijke communicatie om deze situaties, die veel voorkomen in woon- en stedelijke gebieden, veilig te beheersen.

Deze les biedt een gedetailleerde gids voor het navigeren van rotondes in Nederland. Je leert de primaire regel: bestuurders die een rotonde naderen, moeten voorrang verlenen aan verkeer dat al op de rotonde rijdt, wat meestal wordt aangegeven met voorrangsborden (B5) en 'pijക്കാർ' op het wegdek. Het curriculum behandelt ook het correcte gebruik van richtingaanwijzers bij het oprijden en verlaten, regels voor rotondes met meerdere rijstroken, en speciale overwegingen voor de voorrang van fietsers die mogelijk een apart pad rond de rotonde hebben. Correcte rotonde-etiquette is de sleutel tot het handhaven van de verkeersstroom en veiligheid.

Deze les behandelt de wettelijke betekenis van diverse markeringen op het wegdek, waaronder doorgetrokken en onderbroken rijstrookstrepen, richtingpijlen en markeringen voor speciale doeleinden. Het beschrijft hoe markeringen toegestane manoeuvres bepalen, zoals inhalen en van rijstrook wisselen, en bestuurders waarschuwen voor naderende gevaren of veranderingen in de weginrichting. De inhoud onderzoekt ook de relatie tussen markeringen en het wegontwerp in Nederland, en benadrukt hoe een motorrijder deze visuele aanwijzingen moet interpreteren voor een veilige positionering.
Verdiep je in complexe kruispuntsituaties binnen de Nederlandse verkeersleer, inclusief hoe weer, hulpdiensten en specifieke wegtypen prioriteitsregels zoals voorrang verlenen en stoppen beïnvloeden.

Deze les behandelt speciale situaties waarin standaard voorrangsregels worden opgeheven. U leert over de absolute voorrang van hulpverleningsvoertuigen met sirenes en zwaailichten, en de juiste procedure om deze veilig doorgang te verlenen. De inhoud legt ook de specifieke voorrangsregels voor trams uit, die vaak voorrang hebben op ander verkeer, evenals voor militaire colonnes en officiële begrafenisstoeten. Bovendien versterkt de les de regels voor het verlenen van voorrang aan voetgangers op zebrapaden.

Deze les legt de voorrangsregels op kruispunten uit. Je leert een 'gelijkwaardig' kruispunt te herkennen waar de standaardregel geldt dat je voorrang moet verlenen aan verkeer van rechts. Ook wordt uitgelegd hoe voorrang wordt geregeld door verkeersborden (zoals het B6-stopbord en het B7-voorrangsbord) en wegmarkeringen ('haaientanden'). Het begrijpen van deze hiërarchieën is cruciaal voor het maken van veilige en correcte beslissingen bij het oversteken of afslaan op elk kruispunt.

Deze les behandelt de uitdaging van het navigeren op kruispunten met gelijke prioriteit, waar geen borden of markeringen de voorrang regelen. Je leert de fundamentele Nederlandse verkeersregel om voorrang te verlenen aan al het verkeer dat van rechts komt ('voorrang rechts'). De inhoud richt zich op het ontwikkelen van geavanceerde observatievaardigheden en duidelijke communicatie om deze situaties, die veel voorkomen in woon- en stedelijke gebieden, veilig te beheersen.

Deze les legt de fundamentele 'voorrang van rechts'-regel uit, die geldt op kruispunten van gelijkwaardige wegen waar geen andere borden of wegmarkeringen voorrang aangeven. Je leert dergelijke kruispunten te herkennen en begrijpt je plicht om voorrang te verlenen aan verkeer dat van rechts nadert. De les verduidelijkt ook belangrijke uitzonderingen, zoals bij het verlaten van een oprit, het oprijden van een verharde weg vanaf een onverharde weg, of bij het tegenkomen van een tram. Het beheersen van deze regel is cruciaal voor het navigeren in woonwijken en stadsstraten waar bebording vaak minimaal is.

Deze les biedt een gedetailleerde gids voor het navigeren van rotondes in Nederland. Je leert de primaire regel: bestuurders die een rotonde naderen, moeten voorrang verlenen aan verkeer dat al op de rotonde rijdt, wat meestal wordt aangegeven met voorrangsborden (B5) en 'pijക്കാർ' op het wegdek. Het curriculum behandelt ook het correcte gebruik van richtingaanwijzers bij het oprijden en verlaten, regels voor rotondes met meerdere rijstroken, en speciale overwegingen voor de voorrang van fietsers die mogelijk een apart pad rond de rotonde hebben. Correcte rotonde-etiquette is de sleutel tot het handhaven van de verkeersstroom en veiligheid.

Deze les legt de cruciale voorrangsregels uit met betrekking tot voetgangers en fietsers om de veiligheid van kwetsbare weggebruikers te garanderen. Je leert de absolute verplichting om te stoppen voor voetgangers die op een 'zebrapad' (oversteekplaats voor voetgangers) staan of wachten om over te steken. De inhoud behandelt ook situaties waarin je voorrang moet verlenen aan fietsers die je pad kruisen, zoals bij het afslaan over een speciaal fietspad.

Deze les richt zich op de regels die van toepassing zijn bij interacties met voetgangers. U leert de absolute verplichting om te stoppen voor voetgangers die op een aangewezen zebrapad zijn of duidelijk van plan zijn over te steken. Het curriculum behandelt ook hoe de weg te delen in een 'woonerf' (woonzone) waar voetgangers voorrang hebben. Het benadrukt extra voorzichtigheid bij kinderen, ouderen en gehandicapte voetgangers, die meer tijd nodig hebben of onvoorspelbaar kunnen handelen.

Deze les introduceert de fundamentele beginselen van voorrang verlenen in Nederland, beginnend met de verkeershiërarchie en de standaardregel om voorrang te verlenen aan verkeer van rechts op gelijkwaardige kruispunten. Je leert een voorrangsweg te herkennen, gemarkeerd met bord 30, en begrijpt hoe deze aanduiding de standaardregel opheft. De inhoud legt het wettelijk kader vast voor het nemen van voorrangsbeslissingen bij afwezigheid van specifieke borden of verkeerslichten.

Rotondes zijn een veelvoorkomend onderdeel van de Nederlandse wegen en hebben specifieke voorrangsregels. Deze les behandelt de standaardregel om voorrang te verlenen aan verkeer dat al op de rotonde rijdt voordat je deze oprijdt. Het behandelt ook de juiste positie op de rijstrook, het belang van richting aangeven om je afslag aan te kondigen, en de specifieke regels die vaak gelden voor fietsers, die voorrang kunnen hebben bij het oversteken van de uitritten. Deze vaardigheden zorgen voor een vlotte en veilige doorgang op zowel grote als mini-rotondes.

Deze les duikt in de hiërarchie van voorrangsregels op de Nederlandse wegen en verduidelijkt wie voorrang heeft in verschillende kruispuntsituaties. Het legt de betekenis uit van borden zoals 'voorrangsweg' en wegmarkeringen zoals haaientanden. Speciale aandacht wordt besteed aan de juiste procedure voor het oprijden, nemen en verlaten van rotondes op de motor, inclusief correct richting aangeven en rijstrookkeuze om een veilige en efficiënte passage te garanderen.
Vind duidelijke antwoorden op vragen die leerlingen vaak hebben over Voorrang, Stop en Verkeersborden die Voorrang Geven. Lees hoe de les is opgebouwd, welke theoriedoelen worden behandeld en hoe de les past binnen de algemene leerroute van onderdelen en de voortgang binnen de leerlijn in Nederland. Deze uitleg helpt je kernconcepten te begrijpen, de lessenstructuur te volgen en je examengerichte leerdoelen te behalen.
Het B5 voorrangsbord (of 'geef rekking' bord) vereist dat u voorrang verleent aan verkeer op de kruisende weg, maar u hoeft niet te stoppen als het veilig is om door te rijden. Het B6 stopbord daarentegen vereist een volledige stop bij de stopstreep voordat u controleert op verkeer en doorrijdt wanneer het veilig is. U moet altijd stoppen bij een B6 bord, zelfs als er geen verkeer is.
De 'haaientanden' of haaientanden markeringen zijn op de weg geschilderd en geven aan dat u voorrang moet verlenen aan verkeer op de kruisende weg, vergelijkbaar met het B5 voorrangsbord. Ze worden vaak gebruikt in combinatie met een voorrangsbord of op kruispunten waar de voorrang anderszins niet duidelijk is, wat de vereiste om voorrang te verlenen versterkt.
Ja, het B6 stopbord vereist wettelijk een volledige stop bij de aangegeven stopstreep (of de rand van de hoofdweg als er geen streep is) voordat u door mag rijden. Dit zorgt ervoor dat u voldoende tijd heeft om te controleren op verkeer uit alle richtingen en een veilige beslissing te nemen. Niet stoppen is een ernstige verkeersovertreding.
Als een voorrangswegbord (dat aangeeft dat uw weg voorrang heeft) aanwezig is, heeft dit over het algemeen voorrang op de vereiste om voorrang te verlenen op een kruispunt. U moet echter altijd alert zijn op uw omgeving. Als er enige ambiguïteit is of als een ander bord of wegmarkering de voorrang tegenspreekt, rijd dan voorzichtig en wees bereid om voorrang te verlenen.
Ja, het B5 voorrangsbord kan op zichzelf verschijnen, wat aangeeft dat u voorrang moet verlenen aan verkeer op de kruisende weg. De 'haaientanden' markeringen worden vaak gebruikt om de vereiste om voorrang te verlenen visueel te versterken, vooral op kruispunten waar de voorrang anderszins onduidelijk zou kunnen zijn of waar het bijzonder belangrijk is om ervoor te zorgen dat bestuurders vertragen en voorrang verlenen.